een herberg voor en door pelgrims
  • Français
  • English
  • Deutsch
  • Nederlands

vakantie tot einde seizoen

Begin september genoten Huberta en Arno van een week vakantie in de schitterende bergen van het nationale park de Vanoise. Bij thuiskomst in Le Chemin bleek dat Frida en Etty er ook volop van hadden genoten om samen de herberg te draaien. Het huis was even "van hen", zo voelde het. Ze hadden pelgrims ontvangen, in de tuin gewerkt, gewandeld en luiken geschilderd. (Die luiken werden dan 's avonds door sterke pelgrims weer keurig teruggezet in de grange :-) ).

Kort na het vertrek van Frida en Etty meldde de nieuwe ploeg zich. Eerst Geke en Jaap, dan Frits en Frans. Iedereen popelde om te beginnen, zodat al op de "vrije" zondagmiddag luiken uit hun hengsels werden gehaald, om te repareren, schuren en verven. De dag erop verplaatste het kluswerk zich naar de grote zolder en daar zou het de komende twee weken blijven. Vóór de vakantie waren Wil en Arno al begonnen met het maken van de bouwvloer: isolatie onder de balken, OSB-platen erop. Die klus werdt nu eerst afgemaakt. Zo hoefden we niet meer van balk naar balk te hoppen en konden we eindelijk weer gewoon over de zolder lopen. Vóórdat we verder konden bouwen wachtte er echter nog één vervelende, smerige klus. Alle balken en sporen moesten -min of meer- stofvrij worden gemaakt en daarna worden behandeld tegen "de beestjes" (termieten, torren en andere insecten die dol zijn op die massa's hout). Balancerend op de hoge steiger en op keukentrappen waren we er 2,5 dag zoet mee, gemiddeld met 2,5 man. Wat was het een opluchting toen die klus geklaard was.


In de ruime week erna vond een enorme metamorfose plaats, onder leiding van bouwmeester Frans (foto linksboven: de meester op inspectie, de balken strak in het gelid... ), die menig nachtelijk uur heeft wakker gelegen om alle eventuele problemen op te lossen. Het resultaat was ongelooflijk. We hebben in die dagen met elkaar het hele frame gebouwd voor de kamers, de gang en de bergruimte. Daarvoor werden twee volle aanhangers met hout verwerkt, dat -deels- eerst geduldig door Jaap was gebeitst en vervolgens met honderden en honderden schroeven aan elkaar werd gezet. Fascinerend... de eerste balken stonden te zwiepen in de hoge ruimte, terwijl de waterpas ze in het gareel probeerde te krijgen. Balk na balk kwam er daarna meer lijn in het geheel, en … stevigheid. Uiteindelijk konden we zonder problemen "apenkooien" op onze eigen bouwsels!
 

Ondertussen gingen de werkzaamheden in de herberg, tuin en keuken gewoon door. Volop oogsttijd nu. Alleen al van het kweeperenbompje kwam 32 kilo! Onder de bezielende leiding van Frits werden deze vruchten omgetoverd tot kweepeergelei en onvervalste membrillo, een Spaanse lekkernij. (Heerlijk op brood, met geitekaas of als vulling in bonbons). De hele binnentuin geurde van vuur, rook en vruchtenpap. De volgende dag zaten Geke en Frits rond de kookpot op het houtvuurtje, deze keer gevuld met kilo's appels. 's Avonds was er heuse appelstroop. Hmmm.
Daarna werd de tuin winterklaar gemaakt. Dat was een heel geraap, gesleep, geknip en gespit. Laat de herfst maar komen!  


In september merkten we goed dat het pelgrimsseizoen afliep, natuurlijk eerder dan in Saint-Jean-Pied-de-Port. Eén van de laatste gasten was een jonge, vrolijke bikkel: Rafaël (foto rechtsboven), die met zijn handbike onderweg was van Freiburg (Duitsland) naar Santiago. Lopen kon hij maar heel moeizaam, maar zijn armen waren des te sterker. Daarmee had hij zich omhoog gewerkt, de "Col du Chemin" op. Zoals hij de vorige dag in Vézelay de steile heuvel was opgereden. We hebben het beloofde kaartje uit Santiago (nog) niet ontvangen, maar hij is wel gesignaleerd bij onze collega's in Augy-sur-Aubois, en in Périgueux en in Saint-Jean-Pied-de-Port, waar hij in onze oude herberg heeft geslapen.

De laaste pelgrims van dit seizoen waren wijnboeren uit Bourgogne. Met een kennersblik namen zij de wijngaard onder de loupe. Die stond er helaas triest en treurig bij, door meeldauw. Na een goede raad en een bemoedigend woord werd een accordeon tevoorschijn gehaald en deden we zelfs nog een dansje voor de aanvang van de maaltijd. 

Uiteindelijk kwamen we dit seizoen uit op 352 pelgrimsovernachtingen en 132 overnachtingen van andere gasten. Met alle vrijwilligers, klussers en herbergiers waren we goed voor 824 overnachtingen! Daar hadden we ons in het voorjaar nog geen voorstelling van kunnen maken.    


Eind september was de laatste wisseling van klusteams van dit seizoen: Jaap, Geke, Frans en Frits vertrokken, Hans (Rensen), Barth en Minke kwamen. Daags ervoor meldde Hans (van den Breul) zich opnieuw. Hij kwam een paar dagen meewerken en ging daarna een weekje lopen met Arno. Zij meldden zich pas weer in Le Chemin toen de rest van de klusploeg alweer was vertrokken.
Dé grote klussen voor Hans (R.), Barth, Minke en Huberta waren het definitief afwerken en inhangen van de luiken en het leggen van de nieuwe vloer van de ontvangstruimte met oude tomettes (vierkante tegeltjes van gebakken klei). De tomettes waren bij de start van het seizoen door Addy, Hans (vdB.) en Arno van de grote zolder gehaald en in de grange opgestapeld. Nu, aan het einde van dit seizoen kregen ze hun nieuwe bestemming. Althans... diegenen die door de strenge selectie kwamen. Wat een monnikenwerk. Honderden en honderden tegeltjes zijn door de handen van de klusploeg gegaan: stuk voor stuk schoon bikken met de hand, daarna afwerken met de hogedruk spuit, drogen, sorteren, en dan als een immense sudoko het inpassen van al die verschillende maten in de ook al niet rechte ruimte. Minke ontpopte zich als kampioen puzzelaar, Hans zorgde voor het snijwerk. (Barth had inmiddels een eigen schilderatelier waarin de luiken zorgvuldig een definitieve laag kregen). 's Nachts vlogen er Youtube-filmpjes heen en weer over deze eeuwenoude techniek: legpatronen, specie, leem ... .  Het voorlopige resultaat is werkelijk prachtig: de gebakken tomettes keurig op rij, de natuurstenen muren, de eikenhouten balken van de zoldering, de robuuste nieuwe trap: whow... ! De laatste stap, wat dit betreft, is voor komend seizoen: dan wordt de enorme puzzel van al die tomettes voorzichtig uit elkaar gehaald om definitief te worden vastgelegd, met een combinatie van kalk en leem. Ter voorbereiding heeft Hans (R.) al een enorme hoeveelheid leem, die ook eerst op de grote zolder lag, fijngemaakt (met de betonmolen en met kaatsballen!) en gezeefd. 

We schrijven inmiddels 11 oktober. De laatste klussers zijn vertrokken, Huberta en Arno blijven alleen achter in Le Chemin. Vrij laat in het seizoen hadden zich nog klussers aangemeld voor de tweede helft van oktober, daar zijn we niet op ingegaan: we wilden ook een tijdje samen genieten van het huis en de omgeving. Hoewel... het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Kortom: die weken erna hebben we vooral weer geklust ;-) maar dan op de zolder van het privé-gedeelte van het huis. Het is immers een mooi vooruitzicht om ook dat -ergens komend seizoen- bewoonbaar te hebben. Dan kunnen we eindelijk onze dozen uitpakken en een iets normaler leven 
leven.
D
é grote klus was nu: het maken van een plafond, in een ruimte van zo'n 45 m2. Maar ook nu gold: voor we daarmee echt aan de slag konden, waren we dagen verder. Eerst weer al het houtwerk behandelen tegen insecten, dan folie tegen het dak nieten, bouwmaterialen halen, etc. Vervolgens hebben we drie grote balken geplaatst, die de hele constructie moeten dragen. Op één plek moesten we daarvoor een gat maken vlakbij een grote scheur in de muur. Een spannende klus. Gelukkig had Arno gezien hoe de metselaars dat deden.
Zo groeide het plafond, dag voor dag, boven onze hoofden. Eerst de hoofdbalken met steunen voor de zijbalken, dan de zijbalken zelf. Daarna was Huberta aan zet, als electricien. Vervolgens bracht Arno de gipsplaten aan en de isolatie, en plaatste hij "dak"ramen, zodat het licht dat door glazen pannen in het dak naar binnenvalt de nieuwe ruimte kan blijven verlichten.

Huberta ging inmiddels een weekje naar Nederland. Wij ontmoetten elkaar weer in Roermond, op de landelijke bijeenkomst van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob. Daar hielp Josefine bij ons standje op de informatiemarkt. En was er de presentatie van het eerste exemplaar van de nieuwe, Nederlandstalige gids voor de Pelgrimsweg van Vézelay. Deze gids is tijdens het seizoen gemaakt door Wobien, Klaas, Han en Arno, op basis van de informatie van Franse Jacobsgenootschappen langs de route. Meer informatie vind je hier > de pelgrimsweg van Vézelay.

Diezelfde avond nog zijn we teruggereden naar Le Chemin. Nog een kleine twee weken te gaan, vóór we zouden terugreizen naar Nederland, voor het winterseizoen. Helaas liet de motor van de Kangoo ons in de steek. Het bleek niet op te lossen en via de ANWB kregen we vervangend vervoer. Zo kon Huberta toch nog vijf dagen naar Saint-Jean-Pied-de-Port. Even terug op het oude nest. Een erg fijn weerzien! Toen zij terugkwam hebben we samen de eindsprint ingezet, vooral met het plaatsen van de nieuwe binnendeuren in de ontvangstruimte en het verder winterklaar maken van het huis. Vrijdagmorgen 21 november, heel vroeg, kwamen we aan in Arnhem. De dag erop vierden we het Dankjewelkom met zo'n 30 mede-vrijwilligers, in Utrecht. En nu zijn we langzaam aan het landen in een zó andere wereld...

GemeneGronden webontwikkeling